[© 2004 ZWAGA.COM,  vrij te gebruiken, mits deze bron wordt vermeld. De door ons gebruikte bronnen dienen ook vermeld te worden]

 

[ terug]       [naar 1e pagina]      [verder ]
 

Frametypes

 

Frames zijn de pakketjes welke door de netwerk interfaces op het netwerkmedium worden geplaatst. Ze zijn voor te stellen als bitpatronen (reeks 0-en en 1-en) met een bepaalde betekenis, die zender en ontvanger op dezelfde wijze moeten interpreteren.  Uiteraard worden geen 1-en en 0-en verzonden, maar wordt elke 1 en elke 0 gedecodeerd en als elektrische puls of lichtpuls verzonden. Voor elk soort netwerk is nauwkeurig vastgelegd wat de verschillende bitpatronen betekenen.

Ethernet II

veld naam # bytes betekenis

Preambule

7

specificeert een bitpatroon om het begin van het frame aan te geven

SOF 1 Start of frame = 10101011
Destination 6 MAC-adres van de afzender
Source 6 MAC-adres van de bestemming
Type 2 Wordt gebruikt voor het identificeren van de data en moet als decimale waarde groter zijn dan 1500 (=05DC hexadecimaal)

Zie het overzicht

Data 46-1500 de data
FCS 4 Frame check sequence. Deze bevat een CRC (Cyclic Redundancy Check) voor de controle op juistheid van het frame.

 

IEEE 802.3 (Ethernet)

veld naam # bytes betekenis

Preambule

7

specificeert een bitpatroon om het begin van het frame aan te geven

7 x 10101010

SOF 1 Start of frame = 10101011
Destination 6 MAC-adres van de afzender
I/G 1 bit I = Individueel adres (Unicast),  G = Groep adres (Multicast)
U/L 1 bit 1 = local, 0 = Universal (in netwerkkaart gebrand adres)
adres 46 bits Voor een broadcast wordt adres FFFF FFFF FFFFh gebruikt (=11111111 11111111 11111111 11111111 11111111 11111111) = universal group address)

Welk bit nu precies bedoeld wordt kan wat lastig zijn. Met het eerste bit wordt meestal het minst significante bit bedoeld. Dat is dus het rechter bit in een binair getal. Dit bit wordt als eerste de kabel op gestuurd.

Source 6 MAC-adres van de bestemming
I/G 1 bit altijd 0 = Individueel adres
U/L 1 bit 0 = local, 1 = Universal (in netwerkkaart gebrand adres)
adres 46 bits Voor een broadcast wordt adres FFFF FFFF FFFFh gebruikt (=11111111 11111111 11111111 11111111 11111111 11111111) = universal group address)
Length 2

Wordt gebruikt voor opgeven van de lengte van het volgende data-veld

Deze waarde moet <=1500 (05DCh) zijn. Is de waarde hoger, dan is het een Ethernet II frame en wordt daarmee een type aangegeven.

Data 46-1500 De 802.2 header en de data ontvangen van, of bestemd voor, de LLC-laag
veldnaam # bytes betekenis

DSAP

1

Destination Service Access Point

Is deze FFh, dan wordt het geïnterpreteerd als Raw 802.3 frame. Netware 3.12 en ouder gebruikte dit met IPX/SPX

Is deze AAh, dan is het een SNAP frame voor Appletalk

SSAP 1 Source Service Access Point

PDU

Control

1 of 2

Drie soorten Protocol Data Units (= LLC-frame)

Unnumbered (U-formaat) (8 bits) Wordt meestal gebruikt voor een connectieloze transmissie (Type 1)

modifier bits

3

inhoud is afhankelijk van de soort (commando, antwoord of data)

UI- Unnumbered information (gewone data)
DISC- Disconnect (klaar)
SABME- Set Asynchronous Balanced Mode Extended (begin maar)
XID- Exchange IDs (dit ben ik-wie ben jij?)
TEST- Test the link (vraagt om TEST terug 
UA- Unnumbered Acknowledgement
DM- Disconnect Mode (afbreken)
FRMR- Frame Reject (Bad frame - afwijzen)

P/F

1

Poll/Final: wordt gebruikt door zender om antwoord te vragen. Wordt gebruikt door ontvanger om aan te geven dat het een antwoord is

modifier bits

2

 

vaste bits 2 worden op 11 gezet om dit soort frame aan te geven

Information Transfer (I-formaat) (16 bits) verbinding georiënteerd (Type 2)

NumberR

 

ontvangen PDU nummer (wordt voor sliding windows gebruikt).

Deze bits worden ook gebruikt voor het zenden van een ontvangstbevestiging samen met de data (Piggyback Acknowledgment)

P/F

1

Poll/Final: wordt gebruikt door zender om antwoord te vragen. Wordt gebruikt door ontvanger om aan te geven dat het een antwoord is

NumberS

 

verzonden PDU nummer (wordt voor sliding windows gebruikt)

vaste bit

1

worden op 0 gezet om dit soort frame aan te geven

Supervisory (S-formaat) (16 bits) Voor het versturen van controle functies zoals:

handshaking bij het tot stand brengen van een verbinding;

versturen van een ontvangsbevestiging van een I-format PDU;

verzoek om herzenden;

verzoek om zenden tijdelijk op te schorten als b.v. de buffers vol zijn.

NumberR

7

ontvangen PDU nummer

Deze bits worden ook gebruikt voor het zenden van een ontvangstbevestiging samen met de data (Piggyback Acknowledgment) en voor de sliding windows

P/F

1

Poll/Final: wordt gebruikt door zender om antwoord te vragen. Wordt gebruikt door ontvanger om aan te geven dat het een antwoord is

vaste bits 4 0000 (gereserveerd)
supervisory function bits 2

RR- Receive Ready (wakker & klaar voor ontvangst)
RNR - Receive Not Ready (ff wachten, er zijn problemen)
REJ - Reject (een slechte PDU ontvangen zend PDU met dit nummer nog eens)

vaste bits 2 worden op 01 gezet om dit soort frame aan te geven
Data >0 De data van de netwerklaag
Network header
Transport header
Session Header
Presentation header
Application header
DATA
Transport trailer
LLC trailer

Pad (veld dat wordt gebruikt om op minimaal 46 bytes te komen als het LLC-frame kleiner is)

FCS 4 Frame check sequence. Deze bevat een CRC (Cyclic Redundancy Check) voor de controle op juistheid van het frame.

 

IEEE 802.2 (Ethernet)

Met een IEEE 802.2 frame wordt feitelijk een IEEE 802.3 frame bedoeld, welke gebruik maakt van de LLC, zoals hierboven beschreven. Hierbij wordt dus de standaard IEEE 802.2 voor de LLC-laag gevolgd.

LLC maakt gebruik van Service Access Points om te kunnen vastleggen van welk netwerkprotocol het frame afkomstig is en waar het naar toe moet.

Een SAP is een poort (een logische link), naar een netwerkprotocol. Elk netwerkprotocol heeft zijn eigen SAP. Hiermee wordt er voor gezorgd dat elk netwerkprotocol communiceert met hetzelfde netwerkprotocol.

Netwerklaag

Unix IP

SAP: 80

IBM NetBIOS

SAP: F0

Novell IPX

SAP: E0

Datalinklaag

IEEE 802.2 Logical Link Control laag (LLC)

IEEE 802.3 CSMA/CD Media Access Control laag

Fysieke laag

802.3  10Base5

802.3a  10Base2

802.3i  10BaseT

 
netwerkindentificatie nummers voor SAP

00

02   

03

04

05

06

08

0E

18

42

4E

7E

80

86

8E

98

BC

AA

E0

F0

F4

F5

F8

FA

FE

FF

Null LSAP

Individual LLC Sublayer ManagementFunction

Group LLC Sublayer Management Function

IBM SNA Path Control(individual)

IBM SNA Path Control (group)

ARPANET Internet Protocol(IP)

SNA0CSNA

PROWAY (IEC955) Network Management & Initialization

TexasInstruments

IEEE 802.1 Bridge Spannning Tree Protocol

EIA RS-511 Manufacturing MessageService

ISO 8208 (X.25 over IEEE 802.2 Type 2 LLC)

Xerox Network Systems(XNS)

Nestar

PROWAY (IEC 955) Active Station List Maintenance

ARPANETAddress Resolution Protocol (ARP)

Banyan VINES

SubNetwork Access Protocl(SNAP)

Novell NetWare

IBM NetBIOS

IBM LAN Management (individual)

IBMLAN Management (group)

IBM Remote Program Load (RPL)

Ungermann-Bass

ISONetwork Layer Protocol

Global LSAP

SNAP

SubNetwork Access Protocol

 

Het frametype wat gebruikt wordt door Appletalk. Het is een IEEE 802.3 frame met LLC-frame, alleen is het LLC frame iets anders

veld naam # bytes betekenis

Preambule

7

specificeert een bitpatroon om het begin van het frame aan te geven

7 x 10101010

SOF 1 Start of frame = 10101011
Destination 6 MAC-adres van de afzender
I/G 1 bit I = Individueel adres (Unicast),  G = Groep adres (Multicast)
U/L 1 bit 1 = local, 0 = Universal (in netwerkkaart gebrand adres)
adres 46 bits Voor een broadcast wordt adres FFFF FFFF FFFFh gebruikt (=11111111 11111111 11111111 11111111 11111111 11111111) = universal group address)
Source 6 MAC-adres van de bestemming
I/G 1 bit altijd 0 = Individueel adres
U/L 1 bit 0 = local, 1 = Universal (in netwerkkaart gebrand adres)
adres 46 bits Voor een broadcast wordt adres FFFF FFFF FFFFh gebruikt (=11111111 11111111 11111111 11111111 11111111 11111111) = universal group address)
Length 2

Wordt gebruikt voor opgeven van de lengte van het volgende data-veld

Deze waarde moet <=1500 (05DCh) zijn. Is de waarde hoger, dan is het een Ethernet II frame en wordt daarmee een type aangegeven.

Data 46-1500 De 802.2 header en de data ontvangen van, of bestemd voor, de LLC-laag
veldnaam # bytes betekenis

DSAP

1

Destination Service Access Point

= AAh (dus SNAP)

SSAP

1

Source Service Access Point

= AAh (dus SNAP)

PDU

Control

1

03h voor Netware

Organizational Code

3

00-00-00h voor Netware

Ethernet type

2

81-37h voor Netware

data

>0

De data van IP, IPX of AppleTalk Phase 2

Padding (veld dat wordt gebruikt om op minimaal 46 bytes te komen als het LLC-frame kleiner is)

FCS 4 Frame check sequence. Deze bevat een CRC (Cyclic Redundancy Check) voor de controle op juistheid van het frame.

 

IEEE 802.5 (Token Ring)

Een Token Ring frame bestaat uit

veld naam # bytes betekenis

Start scheidingsteken

1

specificeert een bitpatroon om het begin van het frame aan te geven

 

ToegangsControle

1

Wordt gebruikt voor de prioriteit van het frame. Bevat 1 bit, dat gezet wordt om aan te geven dat het frame een token is.

priority

3 bits

 

token

1 bits

 

monitor

1 bits

 

priority reservation

3 bits

 

FrameControle

1

Specificeert of het frame een data-frame is of een commando-frame

Bestemmings adres

6

Bevat het heximale adres van  de bestemming

Bron adres

6

Bevat het heximale adres van de afzender

Data

>0  <4500

bevat de data ontvangen van de netwerklaag en de header van de LLC (volgens IEEE 802.2)

FCS

4

Frame Check Sequence. Bevat een checksum, berekend over het hele frame, voor controle op correcte verzending.

Eind scheidingsteken

1

bevat een bitpatroon om het eind van een frame aan te geven

Frame status 1 bevat een bitpatroon waarmee de bestemming kan opgeven dat het frame ontvangen is en gekopieerd naar zijn buffers

Het Token

veld naam # bytes betekenis

Start scheidingsteken

1

specificeert een bitpatroon om het begin van het frame aan te geven

ToegangsControle

1

Wordt gebruikt voor de prioriteit van het frame. Bevat 1 bit, dat gezet wordt om aan te geven dat het frame een token is.

Eind scheidingsteken

1

bevat een bitpatroon om het eind van een frame aan te geven

 

 
[ terug]       [naar 1e pagina]      [verder ]

 

Disclainer:

Deze informatie gebruiken is volledig voor het eigen risico van de lezer. Niets is blindelings gekopieerd uit andere bronnen. Het is eventueel vertaald, bewerkt, gecorrigeerd en zoveel mogelijk gecontroleerd. ZWAGA.COM is niet verantwoordelijk voor mogelijke fouten in deze informatie.   Voor zover materiaal "gepikt" is van andere sites, is die bron vermeld. Het is absoluut niet onze intentie met de eer te gaan strijken welke ons niet toekomt. Wij willen uitsluitend informeren.

No information is blindly copied from other sites or resources. It is alle translated, edited, corrected and, as much as possible, verified. However, I cannot garanty that all of of the above is correct.