[© 2004 ZWAGA.COM,  vrij te gebruiken, mits deze bron wordt vermeld. De door ons gebruikte bronnen dienen ook vermeld te worden]

 

[ terug]       [naar 1e pagina]        [verder ]         
 

De componenten en compatibiliteit

 

Het begint al met een foute titel voor dit stukje. Dit gaat eigenlijk over netwerkstandaarden. De eerste netwerken waren niet gestandaardiseerd, waardoor netwerkencomponenten van de ene fabrikant niet gebruikt konden worden in een netwerk van een andere.

Daar kwam verandering in toen een aantal standaardiseringsinstituten, zoals het ISO (International Standards Organization) en IEEE (Institute for Electrical and Electronics Engineers (eye-triple-e)) hun eerste standaarden van de lopende band lieten rollen.

ISO kwam b.v. met het OSI referentie model en in februari (maand 2) van 1980 startte werkgroep IEEE 802.1 met hun werk, later gevolgd door nog een stel 802-werkgroepen, welke zich allemaal met verschillende aspecten van netwerken gingen bezig houden. Er zijn er 19, genummerd IEEE 802.1 t/m IEEE 802.20 (ze hebben zich niet gewaagd aan 802.13.).

 

IEEE heeft voornamelijk standaarden geproduceerd welke betrekking hebben op de z.g. onderkant van het netwerk, waarmee bedoeld wordt de fysieke componenten, hun elektrische eigenschappen en de methoden welke gebruikt kunnen worden om die componenten met elkaar te laten communiceren. Ze definiëren daardoor bijvoorbeeld kabellengtes, stroomsterktes en voltages, de omvang van pakketjes (frames) welke kunnen worden verstuurd over het netwerk, identificatie van apparaten op het netwerk, enz.. Voor een netwerkgebruiker, allemaal zaken waarvan hij/zij helemaal niets merkt, maar wat wel bepaalt wat voor soort bekabeling en netwerkkaarten gebruikt kunnen worden.

 

De beschrijving van een Ethernet is één van hun producten (IEEE 802.3). Misschien wel de belangrijkste, want de meeste netwerken zijn Ethernet netwerken. Dit legt o.a. de topologie en het type apparatuur vast.

 

Het OSI referentie model is een algemener model, datat netwerkfunctionaliteit in lagen indeelt, en functies van die verschillende lagen beschrijft. Elke laag kan alleen functies benaderen in de laag er direct onder of boven. In de praktijk worden die functie geïmplementeerd in computerprogramma's, welke netwerkprotocols worden genoemd. Een netwerkprotocol vervult dus één of meer taken welke in bepaalde lagen van het OSI-model thuis horen.

Door de standaardisering is het mogelijk dat een netwerkprotocol van één producent, kan communiceren met een netwerkprotocol van een ander, mits iedereen zich netjes aan de afspraken houdt. Gelukkig is in de praktijk gebleken dat dit ook in het belang van een producent is. Een product van één leverancier, dat niet compatibel is met andere producten, vindt geen afzetmarkt.

Het OSI-model is opgebouwd uit 7 lagen (de hier toegevoegde lagen 8 t/m 10 zijn grapjes onder IT-professionals, die met die aspecten ook vaak te maken hebben.)

 

OSI model

10 Religieuze laag Voor sommigen wordt de keuze voor een Novell-, Linux- of Microsoft- netwerk niet meer bepaald op zakelijke grond en functionaliteit, maar laat men zich leiden door talloze vooroordelen, onprofessioneel fanatiek hobbyisme, of andere oneigenlijke gronden met een religieus tintje. Hoewel als grapje bedoeld, zijn deze lagen uiteindelijk meestal bepalend voor hoe een netwerk er uit gaat zien.
9 Politieke laag Vooral in de wat grotere organisaties een niet weg te cijferen laag. Ik kan hier maar beter niet te diep op in gaan.
8 Financiële laag Spreekt waarschijnlijk voor zich. Het financiële aspect van een netwerk bepaalt vaak hoe het netwerk er uit ziet, hoe snel het is en hoe beheersbaar het is. Elke onderdeel, zowel softwarematig, hardwarematig of beheersmatig kost geld.
7 Applicatie laag Applicaties communiceren met de applicatielaag om netwerkdiensten te bieden of aan te vragen. In deze laag werken protocols welke meestal voor de gebruiker zichtbare netwerkfunctionaliteit bieden b.v. HTTP, SMTP, FTP
6 Presentatie laag Deze laag is verantwoordelijk voor de data-presentatie en moet daarvoor b.v. syntax verschillen wegwerken, coderen/decoderen, versleutelen (encryptie), b.v. MIME, ASCII, MPEG
5 Sessie laag De laag welke verantwoordelijk is voor het tot stand brengen van een communicatiesessie tussen twee computers. Ook het in stand houden en verbreken van de verbinding tussen PC's wordt in deze laag uitgevoerd  b.v. NetBIOS, Named Pipes
4 Transport laag De laag welke de wijze van transport van data regelt. Dat kan connectie georiënteerd (middels een sessie) zijn of connectieloos. Deze laag is ook in staat eventueel fouten in het transport te detecteren en corrigeren. b.v. NetBEUI, TCP, UDP, SPX
3 Netwerk laag Deze laag verzorgt het versturen van data (packets) door pakketjes samen te stellen, te adressen en te bepalen waarheen het pakketje moet (routeren). Te grote brokken data kunnen in deze laag in kleine pakketjes worden onderverdeeld (fragmenteren). Routers vervullen hun taak in deze laag. b.v. NetBEUI, IP, IPX, ICMP, IGMP, ARP, RIP, OSPF
2 Data Link laag

Deze laag bouwt de frames, welke het netwerk op moeten worden gestuurd. Hiervoor wordt een hardwarematig adres aan het frame toegevoegd, zodat een netwerk kaart de bestemming van het frame kan herkennen. Deze laag detecteert en corrigeert eventuele transmissiefouten.

Bridges en switches vervullen hun taak in deze laag.

b.v. Ethernet, Token Ring, ATM, Frame Relay, PPP, SLIP
1 Fysieke laag

De laag waarin gespecificeerd wordt op welke wijze de data wordt gecodeerd in een signaal wat over het netwerk medium (b.v. de kabel) kan worden verstuurd.

Deze laag beheerst de ruwe stroom bits. De bits worden gecodeert verstuurt als een elektrische stroom met een bepaald voltage en tijdsduur.

RS232, 100BaseT, T1, E1, V.90

 

IEEE 802 heeft de Data Link laag van het OSI model verder opgesplitst in twee lagen met duidelijk gescheiden functionaliteit

Data Link LLC

Logical Link Control

IEEE 802.2

LLC is in staat met behulp van SAP (Servise Access Point) labels te identificeren waar een packet vandaan komt of heen moet, en vormt op deze wijze de verbinding tussen een hoger liggend protocol en de onderliggende specifiek netwerk techniek zoals b.v. Ethernet. Hiermee kunnen hoger liggende netwerk protocollen werken zonder dat rekening hoeft te worden gehouden met de onderliggende technologie.

In de beginjaren van Netware heeft Novell zijn eigen variant van Ethernet gebruikt. Er werden z.g. raw 802.3 frames gebruikt zonder gebruik te maken van LLC. Novell is later (Netware versie 3.12) overgestapt op het wel toepassen van LLC.

MAC

Media Access Control

Deze laag is anders voor elke onderliggende techniek. De MAC laag bouwt de frames en zorgt voor adressering en verstuurt dat vervolgens naar de netwerkkaart op een manier dat de netwerkkaart het frame kan verwerken volgens een bepaalde techniek.

Omdat op dit niveau het hardware adres van een netwerkinterface wordt gebruikt, wordt het hardware adres meestal MAC-adres genoemd.

In principe zijn MAC-adressen wereldwijd uniek door afspraken tussen hardwarefabrikanten. Elke fabrikant heeft een unieke code toegewezen gekregen, en gebruikt deze code voor een eigen toegevoerde nummering van de apparaten welke deze fabriceert.

De combinatie moet dan wereldwijd uniek zijn.

 

Bij communicatie tussen twee computers is steeds één computer de client en de ander de server. Een client-applicatie lijkt direct te communiceren met een server-applicatie, maar in werkelijkheid communiceert de client-applicatie alleen met de applicatielaag van het OSI-model. Deze stuurt het weer door naar de onderliggende presentatielaag en zo verder naar beneden, waar het uiteindelijk de kabel wordt opgestuurd. Bij de server wordt het binnenkomende frame verwerkt en steeds doorgegeven naar de bovenliggende laag.

Elke laag voegt eigen informatie toe aan de voorkant van het pakketje wat van de boven liggende laag af komt, in de vorm van een "header". De datalinklaag voegt ook nog een "trailer" aan het eind van het frame toe, voordat het verstuurd wordt. In de header staat wat de overeenkomstige laag met het pakketje moet doen.

 

Er lijkt directe communicatie te zijn tussen elke laag. Elke laag stuurt informatie voor de overeenkomstige laag bij de ontvangende server.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het OSI Referentie Model is uitsluitend een model en is door geen enkele protocol-stack één op één geïmplementeerd.  De huidige protocol-stacks worden wel vaak vergeleken met het OSI-model om de functionaliteit van de stack-componenten te plaatsen. Zo wordt bijvoorbeeld gezegd dat IP (Internet Protocol / onderdeel van TCP/IP) een netwerklaag protocol is, waarmee dan direct de functionaliteit van IP is verklaard.

 

[ terug]       [naar 1e pagina]      [verder ]

 

Disclainer:

Deze informatie gebruiken is volledig voor het eigen risico van de lezer. Niets is blindelings gekopieerd uit andere bronnen. Het is eventueel vertaald, bewerkt, gecorrigeerd en zoveel mogelijk gecontroleerd. ZWAGA.COM is niet verantwoordelijk voor mogelijke fouten in deze informatie.   Voor zover materiaal "gepikt" is van andere sites, is die bron vermeld. Het is absoluut niet onze intentie met de eer te gaan strijken welke ons niet toekomt. Wij willen uitsluitend informeren.

No information is blindly copied from other sites or resources. It is alle translated, edited, corrected and, as much as possible, verified. However, I cannot garanty that all of of the above is correct.